Jet-in-the-East.reismee.nl

Bijkomen in Bali

Bali

Het voelt alsof ik mijn ogen pas 5 minuten gesloten heb, wanneer René me een por geeft, we zijn er. Zodra we aankomen op Bali fietsen we het veer af en gaan gelijk op zoek naar lunch. De magen rommelen en we ontdekken tijdens de lunch dat we een tijdzone overgestoken zijn. We besluiten naar het eerste kustdorp te fietsen en daar te overnachten. Het landschap begint vlak en er is voldoende schaduw door alle bomen. Apen lopen langs de weg en Hindoetempels staan tussen het groen.
Het dorpje brengt ons slecht nieuws. Alle accommodatie is te duur en dus zit er weinig anders op dan doorfietsen. En zo zitten we nogmaals op de fiets rond zonsondergang, volledig uitgeput van het vele fietsen. Met moeite bereiken we Negara, onszelf pushend om door te fietsen. Niet dat we veel keus hebben, we moeten ergens slapen. In het kleine centrum van Negara stoppen we bij een minimarkt voor een drankje en hier weten ze een goedkoop hotel. In het donker bereiken we het hotel en settlen ons. We gaan nog de deur uit voor avondeten, maar dan is de dag voor mij wel voorbij.

Na een kort ontbijt voor de deur ben ik blij dat na vandaag we een paar dagen vrijaf hebben. Mijn benen zijn moe van het fietsen en de visas moeten verlengd worden. We vertrekken en al snel is het zwoegen, de eindeloze rijstvelden langs de weg brengen weinig afleiding van mijn vermoeide lichaam. Ik zie René heuvel na heuvel over fietsen en in gedachte vraag ik hem te stoppen. Na 25km stort ik in bij een winkel in een dorpje waar René op me zit te wachten. Het enige wat voor afleiding zorgt zijn de nu aanwezige toeristen. Ze rijden van hot naar her op scooters, met of zonder surfplank en het is mij niet duidelijk waarom ze zo ver in het westen van Bali zijn.
Het is tijdens het laatste stuk naar Denpasar dat ik de 10.000km aantik en ik ben beste en beetje trots dat ik deze afstand heb weten af te leggen in slechts 6,5 maand. Elsa houdt het goed vol, beter dan verwacht toen ik haar kocht op 3 januari. In Denpasar aangekomen fietsen we rond op zoek naar een slaapplek in de buurt van immigratie, maar weh ebben weinig geluk. Na twee rondjes begint de zon me parten te spelen en we lopen een café binnen. Hier nehmen we snel de beslissing naar Kuta te gaan, waar ook een immigratie kantoor te vinden is. Gelukkig is het niet ver en met wat hulp vinden we een kamer en ik duik gelijk de douche in. Een drankje is verdiend en we vinden dit in de buurt. Rustig genietend van een cocktail proberen we gewend te raken aan hoe toeristisch het hier is. Het voelt alsof ik overal op de wereld zou kunnen zitten en ik probeer me te ontspannen.

4 dagen volgen waarop we druk bezig zijn met de verlenging van onze visa. We komen in deze 4 dagen wel 5 keer bij immigratie en pas bij ons 5e bezoek accepteren ze onze aanvraag. Het voelt alsof ze het zo moeilijk mogelijk willen maken terwijl wij hard ons best doen om mee te gaan in alle vragen en eisen. Na onze paspoorten te zien verdwijnen horen we dat we over een week terug moeten komen voor betaling. Het voelt alsof we pas begonnen zijn aan een lang proces. Aangezien immigratie voornamelijk in de ochtend bezig is hebben we de middagen ‘vrij´ om door de straten van Kuta te dwalen en om bij te komen van het vele fietsen.


Een dag nadat de paspoorten bij immigratie zijn achtergelaten zitten we vroeg op de fiets. Het is maar een korte rit tot Sanur, waar we al snel een bootkaartje hebben en we op de publieke boot stappen, met fiets en al. De boot brengt ons naar Nusa Lembongan, waar Jacqui ons opwacht, een vriendin uit Georgetown. Met haar hulp hebben we snel een plek voor onze spullen en ik loop met haar mee naar de duikschool, Big Fish. Hier doet zij haar duikmaster training en ik besluit de zelfde dag nog aan mijn open water cursus te beginnen, waarop ik meteen voor een tv gezet wordt om de video's te kijken.
Dit besluit heeft ervoor gezorgd dat ik bijna 2 maanden op het eiland blijf, op 2 korte uitstapjes na. De eerste is een bezoek aan Kuta, met René, voor het paspoort. Dit duurt 4 dagen, na de betaling kunnen we ons paspoort pas op maandag ophalen. Samen fietsen we nadien naar Sanur, waarop ik van hem afscheid neem. Hij heeft een boot gevonden waarmee hij naar Zuid-Afrika zal zeilen. Ik vertrek terug naar Nusa Lembongan om mijn open water cursus af te maken. Verslingerd aan het duiken doe ik ook de advanced cursus en een aantal plezier duiken. De mooiste dingen zijn er te zien en elke keer ben ik weer blij dat ik deze beslissing heb genomen. Het leven op het eiland is niet volledig lui, buiten het duiken om ben ik begonnen met yoga wat ik 1 à 2 keer per week doe.
Een van de dagen fiets ik rond het eiland met Jen, een Engelse die net begonnen is aan haar reis. We hebben geen haast en zitten op het kleine eiland Nusa Cennigan voor lunch, tot we ontdekken dat het al 3 uur is. We fietsen op ons gemak terug, via een ander strand en besluiten de dag met een lokale drank, arak. Het drankje smaakt puur niet al te best en stinkt ook, maar met soda, limoen en honing is het best lekker. En zo begint de gewoonte om arak te drinken als er een feestje is. Niet dat het een feest eiland is, met elke vrijdagavond een gezellige groep mensen bij de duikschool Blue Corner. Een ander wekelijks feestje, bij Jibaku, heb ik nooit bezocht en dat bevalt me prima.
De tijd wordt niet volledig gespendeert met duimdraaien. De boeken van vrienden worden gelezen, er wordt gepraat met toeristen die overkomen voor een paar dagen en deze en gene die her en der werken en ga zo nu en dan zwemmen in een van de zwembaden. En, mijn voornaamste bezigheid, ik begin te zoeken naar een boot waarop ik Indonesië zou kunnen verlaten. Het idee van zeilen is me door René weer binnen geschoten en ik heb goede hoop iets te vinden. Maar wanneer de maand van mijn kleine plekje op is en de huur weer dubbel is, besluit ik elders mijn plannen uit te werken. De Gil eilanden klinken als een goede plek om weer verder te gaan, met Lombok in de buurt om weer te fietsen. Een ticket wordt gekocht en er wordt nog een laatste vrijdagavond gedaan bij Blue Corner.
Het heeft allemaal niet zo mogen zijn als ik wilde. Tijdens de avond raak ik ten val en bezeer mijn linker pols. Na een tijd met mijn hand in een ijskist te hebben gezeten, waarin het bier wordt koud gehouden, ben ik er klaar mee en begeef me naar bed. Een van de instructeurs heeft mijn pols verbonden en de verwachting is dat mijn pols flink gekneust is. Mijn ticket naar Gili Trawangan cancel ik de volgende morgen gelijk, ik kann zo geen tas tillen, laat staan fietsen. Na er even over nagedacht te hebben besluit ik naar Bali te gaan. Een van de instructeurs gaat ook en samen reizen we naar Kuta, mocht ik een ziekenhuis nodig hebben. Ik besluit uiteindelijk tegen een ziekenhuis bezoek, mocht het nodig zijn dan ga ik later. Elsa krijgt een onderhoudsbeurt bij een fietswinkel, die haar ook stalt terwijl ik door ga. Na 2 dagen in Kuta heb ik het weer gezien en vertrek naar Ubud in de heuvels.

Ubud is een plaats met een levendige kunstwereld. Via Jacqui heb ik kennis gemaakt met Emile in Georgetown, een fotograaf die in Ubud woont. Hij laat me een paar avonden wat van deze kunstwereld zien en het geeft een hele andere impressie van Ubud dan die ik kreeg door rond te lopen. De onrust krijgt echter de overhand en na bijna een week vertrek ik weer, terug naar Kuta om Elsa op te pikken. Volgeladen stap ik een dag later op en vertrek richting Padangbai. Het is niet ver, maar het is heet, ik heb al een tijd niet gefietst en mijn pols is nog niet beter. In Padangbai rol ik zo het veer naar Lombok op maar tegelijkertijd realiseer ik me dat het niet goed gaat met mijn pols.

Java - Indonesië anders

Het is donker bij aankomst en we besluiten elk hotel te proberen. Het duurt iets langer dan gehoopt maar we vinden wat, eten en gaan gelijk slapen. De eerste beslissing is om proberen Jakarta te vermijden. De volgende is om na Jakarta weer een dag vrij te nemen. Na een lange eerste dag zitten we in de buitensteden van Jakarta. Hoe hard we ons best ook doen, de volgende dag komen we tot 3km van centrum Jakarta mede dankzij 1richtingswegen. Ten oosten van Jakarta, na pas 45km gefietst te hebben, stoppen we voor een vrije middag en luieren wat. 2 dagen fietsen volgen, waarvan 1 typisch tot zonsondergang is. Cirebon is onze eerste rustplaats in het drukke Java en we hebben het verdiend. Koffie, wifi, slaap en wat kleine boodschappen. De weg naar Jogjakarta betekend dat we ergens van noord naar zuid moeten. De vlakste route wordt gevonden en we fietsen door een mooi landschap wat doorzet de heuvels in. Het meeste klimmen doen we deze dag en we vinden een kamer voor we het plaatsje verkennen. De volgende morgen begint na vertrek meteen met klimmen. Rustig omhoog fietsend vind ik mezelf ineens languit op straat. Dan registreert de klap pas en het feit dat ik dit niet helemaal zelf heb gedaan. Achteromkijkend zie ik een man die probeert zijn scooter overeind te krijgen. Geschrokken en boos kom ik vloekend overeind. Niet dat het iets uitmaakt, de man rijdt weg voor ik sta. Met wat moeite krijg ik Elsa tegen een muurtje naast de weg en ontdek de schade. Het lijkt mee te vallen, de ketting is er af en alle tassen hangen scheef. Een man van het restaurant aan de overkant komt vriendelijk helpen en ik mag mn handen wassen voor ik klaar ben om op te stappen. Op dat moment komt René aam, hij hoorde over een ongeluk van voorbijgangers. We gaan weer op pad en niet veel later hebben we de 'top' bereikt en kunnen we afdalen. De rest van de dag raak ik het onrustige gevoel niet meer kwijt en ik ben blij als het over is. De 2 hierop volgende dagen zijn lang maar relatief rustig en makkelijk. Jogjakarta wordt op tijd bereikt en met wat hulp vinden we een zeer goedkoop bed. Tijd voor een biertje! 3 dagen nemen we rust en het was hoog tijd voor wat extra rust. We wandelen wat rond maar doen niet echt iets toeristisch. Wel leren we 2 andere fietsers kennen, Henrik en Mikkel uit Denemarken, met wie we verhalen uitwisselen. Na een paar dagen rust worden de fietsen weer gepakt en zitten we vroeg op de weg. Richting Solo fietsen betekend dat we langs Prambanan komen, een grote hindu tempel, en hier nemen we de tijd om rond te kijken. Een interessant complex waar helaas een deel nog van gerenoveerd wordt. Solo is niet erg ver en vroeg in de middag zoeken we naar een hotel dicht bij een plek waar mogelijk René's fiets gerepareerd kan worden. Beide fietsen worden opgenomen en Elsa is met een uur klaar na wat simpel onderhoud. Was het voor René maar net zo simpel. Het een en ander moet vervangen worden, maar het lijkt niet zo simpel en ze krijgen het niet gedaan in 1 dag. Zo hebben we de dag erna ineens vrij, en terwijl René duimt dat ze niks breken raak ik verdwaald in de straten van Solo. Opluchting laat in de middag wanneer René zijn fiets terug heeft, zonder enig vervangen onderdeel, en we kunnen gerust onze tocht doorzetten. 3 dagen fietsen we vanaf Solo zonder dat er veel gebeurd. Het zijn fijne dagen, ondanks de drukte op de weg. Vulkanen zijn een apart soort landschap en de plaatsen waar we elke dag uitkomen bevallen me goed. In Pasuruan bereiden we ons voor op de volgende dag. De korte afstand die we fietsen van Pasuruan kost ons de hele dag. Net na vertrek is er maar weinig te zien van onze bestemming, een heuvel verraad dat er iets is. Grotendeels van de dag fietsen we gestaag omhoog, de weg begint zeer bewoond tot we het nationale park bereiken. Vanaf dan klimmen we net iets stijler en is er minder bebouwing. Uiteindelijk stoppen we rond 4 uur in Wonokitri. We hebben tot nu toe 1900m geklommen en de omgeving is schitterend. Onderweg kwam Henrik ons bij en na een kop thee wensten we hem succes met de laatste km. De volgende morgen wacht ons maar 15km en toch klimmen we nog 600m voor de zee van zand zich voor ons uitstrekt met daarin 2 vulkanen. Dit is waar we het voor deden en na een stijle afdaling fietsen en duwen we ons langs Bromo en .... Cemoro Lawang ligt op de kraterrand die al het zand op zijn plek houd en hier installeren we ons voor nog een nacht. De volgende morgen staan we rillend op de rand van de krater, terwijl de zon langzaam achter ons opkomt. Een snel ontbijt voor we te voet de zandzee betreden. We kunnen niet vertrekken zonder de vulkaan te beklimmen! Het duurt niet lang voor we aan een tweede ontbijt zitten (of is dat een erg vroege brunch?). We suizen de heuvel af grotendeels van de rit, tot we in Probolingo komen waar we stoppen voor de nacht. De 2 daarop volgende dagen zijn relatief lang. Naar de kaart kijkend vermoeden we een mogelijke heuvel op de eerste dag maar het valt mee. Fietsend tussen kust en vulkanen is apart maar een goede afwisseling van de eindeloze rijstvelden eerder op Java. En het is vrij plat! De 2e dag willen we eerst nog in een nationaal park overnachten maar daar aangekomen bekijken we de situatie nog eens goed. Mijn visum heeft nog een week speling en de dichtsbijzijnde immigratie, zonder terug te fietsen, is op Bali! Vandaag verder fietsen is voor mij verstandiger en René besluit mee te gaan en gelijk zijn visum te verlengen. En dus fietsen we het nationale park weer uit en door een landschap dat ons verassend genoeg doet denken aan Sumatra, inclusief bulten. We zien Bali ruim voor we bij de haven komen liggen en dit helpt ons door te zetten. Het voelt al als een lange dag, maar het is nog vroeg in de middag wanneer we het veer bereiken. Voor 8000 per fiets mogen we aan boord en 3 weken na aankomst verlaten we Java weer.

Onbekkend Sumatra

Na een lange tijd in Maleisië is het tijd om verder te gaan. Een laatste ontbijt met Howard en dan zit ik op het veer naar Dumai, Sumatra. De overtocht gaat relatief vlot en mijn visum krijgt een stempel. En dan sta ik ineens in Indonesië, een nieuw land, een nieuwe taal en wie weet wat meer. Tijd om het te leren kennen! Ik blijf de eerste dag in Dumai om zo wat gewend te raken. Maar dan is het tijd om op pad te gaan en ik vertrek naar Pekanbaru. 2 dagen fietsen door plantages (op, neer, op, neer, op, neer etc.) later sta ik in de eerste grote stad. Het is druk en helaas wat duur. Uiteindelijk word me een bed aangeboden in een huis net buiten de stad en dankbaar accepteer ik het. Dan volgt een dag van aankopen en reparaties en een van plannen en luieren. Met kaart en een onderhoudsbeurt zet ik in op Bukittingi, een plaats tenmidden van vulkanen. 3 dagen fietsen klinkt goed te doen, maar het valt anders uit. De tweede dag loop ik stuk op een berg, de zon zakt en er is niks in de buurt. Een vriendelijke dame helpt en zo gebeurd het dat ik achterop een scooter naar haar huis word gereden in het donker en in stromende regen. Elsa volgt droog achterin een pickup. De volgende morgen is het niet ver meer, maar steek ik wel de evenaar over. In Bukittinggi neem ik even rust en dwaal 2 dagen rond voor ik mijn biezen weer pak. Om bij Maninjau meer te komen klim ik een kort stuk heel stijl, passeer meer schitterend gelegen rijstvelden en uiteindelijk daal ik af via 44 haarspeldbochten. Een simpele bungalow aan het meer is thuis en wanneer het regent in de morgen stel ik vertrek met een dag uit. Sumatra is danig groot en ik realiseer me dat ik niet echt vlot. Tijd om afstand te maken! In de volgende dagen fiets ik naar Ipuh, beginnend langs het strand maar grotendeels door plantages. Na 6 dagen en zo'n 500km neem ik de dag vrij. Reparaties en rust is alles wat ik doe. De strandroute die op mijn kaart staat aangegeven loopt niet echt langs het strand. Een vervelende verassing, in plaats daarvan is het plantage na plantage. Een goede verassing volgt na Ipuh, fietsers! 2 Indonesische mannen op weg naar Aceh (noord Sumatra) zijn de eerste, later op de dag gevolgd door René die uitblaast in een restaurant. Samen fietsen we door tot we een dag later Bengkulu bereiken. Ik begin eindelijk het gevoel te krijgen ergens te komen en zet de volgende morgen alleen door, René is uitgeput. 3 dagen fietsen levert flink wat heuvels op, een ontmoeting met Aaron uit Australië en een erg lange laatste dag voor ik Krui bereik. Een zogenaamd surfersparadijs waar alle surfers in all-incl hotels verblijven en ze alleen zichtbaar zijn wanneer ze op scooters voorbij snellen. 2 dagen luieren is genoeg voor mij en met René gaat de route verder richting Java. De eerste avond belanden we in een klein dorp en zetten we onze tenten op in een tuin voor we elders eten. Terugkomend bij de tenten regent het en bieden de buren ons een plek in de woonkamer aan, op het kleed. Snel verkassen voor we beide proberen te slapen. Smorgens wacht ons een heuvel, dit weten we. Onbekend was dat het zo stijl zou zijn, typisch Sumatra. En net als je denkt dat het over is volgt er meer. De afdaling is net zo stijl, maar dan zonder schaduw van bomen langs de weg. Een dag van 65km duurt zo tot 4 uur en weer belanden we op een vloer van vriendelijke mensen. Ditmaal slaap ik wat meer, gelukkig want er is morgen weer een heuvel. Deze heuvel is echter veel beter te fietsen, de weg slingert rustig omhoog. Een tegenvaller na een goede rit is het gebrek aan hotels in de plaats waar we wilden slapen. Het besluit om 25km door te zetten valt ons beide zwaar maar is nodig. Bandar Lampung is denk ik de grootste stad die ik gezien heb op Sumatra en gelukkig vinden we snell comfort. Twijfelend over een vrije dag loop ik 's avonds terug wanneer ik val. Een gat net naast de stoep was verstopt en met een zere enkel hink ik terug, morgen doe ik niks. En dat is precies wat gebeurd, nauwelijks iets. Een kop koffie en overleggen wat ieder van ons verder wil gaan doen is het voornaamste. Het veer naar Java is niet ver meer en de volgende dag zetten we voorzichtig door. Mijn enkel doet nog pijn en we weten dat er een enkele heuvel over is. Toch valt fietsen me goed mee, tot mijn verbazing, en we maken flink afstand. Het is later in de middag wanneer we de laatste serie heuvels beklimmen en weten dat het niet ver meer kan zijn. Met 3km resterend suizen we zo de heuvel af en de haven in. Zonder ticket komen we toch aan boord en terwijl we wegvaren zakt de zon achter Sumatra. Op de 31e dag van mijn visum laat ik Sumatra achter me, benieuwd wat er komen gaat op het eiland met miljoenen inwoners.

Een ontspannen tijd in Maleisie

Op naar de hoofdstad - 3 dagen - 256 km Er komt een tijd dat je verder moet. Na een paar vrije dagen vertek ik 's ochtends na een ontbijt. Julian, Elie en René vormen de rest van het gezelschap en samen beginnen we aan de afdaling. Niet lang na ons vertrek komen we Stephen en Leigh tegen uit Nieuw-Zeeland. Ze gaan dezelfde kant op en korte tijd zijn we een groep van 6 fietsers. We slaan af met 4, tijdelijk afscheid nemend van Stephen en Leigh die stoppen voor ontbijt. Lange tijd dalen we af, genietend van een brede, lege weg met mooie uitzichten. In het begin is er een enkel dorp maar dat stopt snel. De eerste mogelijkheid waar we iets te drinken kunnen kopen benutten we. Het is middag, heet en allang niet meer alleen afdalen. Dit zet zich nog zo'n 20 km door tot we bij een kruising zijn. Bijna 100km na vertrek stoppen we voor een lunchpauze, net na de kruising. Rustig eten en genieten van de schaduw zien we Stephen en Leigh komen die zich gelijk bij ons voegen. Na de lunch zetten we door richting Raub, hopend op een eerder hotel maar niks verwachtend. Het wordt langzaam donker, iedereen vist lichtjes uit tassen en mijn helm gaat terug op. Een onweerstorm voor ons toont mooie flitsen terwijl wij droog door fietsen in het donker. Het is al 8 uur wanneer we eindelijk in Raub komen. Moe en hongerig vinden we een hotel en avondeten. De volgende morgen zijn Stephen en Leigh al vertrokken terwijl wij 4 voor ontbijt op pad gaan. De benen blijken nog moe te zijn als we weer op de fiets zitten. Door het rustige tempo hebben we rond lunch nog niet ver gefietst en bevinden ons in een kleine stad. Lunchpauze heeft een interessante impact. Ieder van ons heeft voor zichzelf bedacht dat dit eventueel wel eens het einde van de dag kan zijn. Gewoon rustig hier blijven en de benen rusten na de bijna 150km van gisteren. Iemand brengt dit naar voren en iedereen stemt in. Een korte maar zeer gezellige dag. Een goed ontbijt bereid René en mij de volgende dag voor op de laatste klim. Wij gaan richting Kuala Lumpur, terwijl Elie en Julian de stad vermijden en verder zuidelijk pas richting de kust draaien. Na een heel kort stuk nemen we afscheid van het stel, waarop wij de oude snelweg betreden. Deze weg brengt ons langzaam en slingerend tot ruim 600m hoogte alwaar we een pauze nemen. Hier neem ik ook afscheid van René, zet de muziek aan en volg de weg verder om op een zelfde slingerende wijze af te dalen. Dit gaat zo snel dat ik voor ik het weet Kuala Lumpur (of KL) benader. Een onweersbui doet me schuilen bij een lokale werkplaats waar een man deuren schuurt en in grondverf zet. De regen is bijna over als ik doorzet richting het centrum. Op naar Chinatown, waar ik van Jacqui een adres heb gekregen van een zeer goedkoop hostel. Na even zoeken en rondfietsen, onder andere dwars over de toeristenmarkt om de hoek, vind ik het adres en krijg het laatste dorm-bed toegewezen. Elsa in het trappenhuis en ik ben klaar om KL te verkennen. Een week in Kuala Lumpur - 32km De mannen met de dirtbikes vroegen me hen te contacteren zodra ik in KL ben. Dit gedaan krijg ik gelijk een uitnodiging om mee te gaan op een wandeling naar een waterval. Een schitterende wandeling door jungle-achtig-bos naar een waterval waar we kunnen zwemmen. Nadien wordt ik uitgenodigd om met Bryan, zijn vrouw en dochter en Annie te eten wat ik blij accepteer. Annie fietst veel en weet veel in en om de stad. Zij helpt me Elsa naar een goede fietsmaker te brengen en alle benodigdheden te vinden waar ik doorheen ben. Ik ben dankbaar voor haar gezelschap en hulp op verschillende dagen deze week. Via Stephen & Leigh, die ook in KL zijn, hoor ik over een fietstocht. Ik besluit deel te nemen en spreek met ze af. Het is avond en de straten worden door de politie afgezet. Een paar honderd fietsers doen mee aan de share-the-road-ride (deel-de-weg-rit) dwars door het centrum in het donker. Een mooie moment om wat van de stad te zien en Stephen en Leigh. Ook René is in KL, later in gezelschap van Katrine en verhuist naar het hostel waar ik me bevind. Nu bevinden 7 fietsen zich in het trappenhuis. Een Duits koppel, Thorsten en Maren, zijn ook hier en het is goed hen te zien sinds Vang Vieng in Laos. Een ander fietskoppel is een Spaans stel, bevriend met niemand minder dan mijn spaanse vriend Ramon (ofwel Coco Bro). Gezellig! En zo vliegt een week voorbij.. Een onderbroken rit naar Melaka - 3 dagen - 192 KL is niet mijn favoriete stad in Zuid Oost Azië. Het is te groot, is te nieuw en het centrum heeft weinig Maleisisch karakter. Toch was het leuk om wat te zien en hier rond te lopen. Na een week ben ik blij te vertrekken richting een andere historische stad, Melaka. Met kleine moeite fiets ik de stad uit op een grote maar vrij rustige weg. Voordat het te druk kan worden kies ik ervoor om een 'kleinere' weg te nemen, nog steeds een snelweg. Genietend van de heuvels als uitzicht vlot de dag en na een redelijke tijd kom ik in Rembau aan, waar ik de nacht door wil brengen. Een foto willen makend van iets merk ik dat mijn camera ontbreekt. Paniek! Tassen worden geopend en deels overhoop gehaald maar geen spoor van mijn camera. Terug denkend naar het laatste moment dat ik 'm had komt het in me op. Nog geen 10km geleden zat ik bij een bushalte, te schuilen voor de zon. Even in de schaduw zittend, wat eten en drinken en functies op mijn camera proberen. Ik moet hem daar achtergelaten hebben! Snel spring ik op mijn fiets en spurt terug. Mijn moede benen voel ik niet meer, in mijn hoofd herhaal ik duizend keer hoe dom het is om een camera te vergeten en duim ik dat hij er nog ligt. De tijd gaat langzaam voorbij, hoe snel ik ook fiets. De bushalte verschijnt en snel steek ik over, maar helaas geen camera. Teleurgesteld kijk ik rond, maar er is niks te zien. Ik herinner me een politiebureau even geleden en besluit dat ik het kan proberen. Het verhaal uitleggend krijg ik weinig vertrouwen mijn camera terug te vinden. Tot ik meld dat er werkzaamheden in de buurt zijn. Een agent vertrekt en komt na 15 minuten terug met een papier dat iemand bij de halte heeft opgehangen. Iemand heeft iets gevonden en een telefoonnummer gegeven. Ze bellen en stellen wat vragen. Zittend wacht ik het resultaat af, het verzoek of ik maandagmorgen om 10 uur terug kan komen. En dus begeef ik me naar Rembau en vind een kamer waar ik comfortabel 2 nachten door kan brengen. De avond doe ik weinig, net als de volgende dag. In bed liggend een boek lezen voelt als een luxegoed en ik ga alleen naar buiten voor eten. Maandag komt, Elsa wordt volgeladen en na het ontbijt begeef ik me richting het bureau. Ik ben veel te vroeg, het zijn de zenuwen. Gelukkig is er 100m verder een klein café waar ik een kop thee neem. De politie heeft gebelt en snel drink ik mijn thee en loop er naar toe. De agenten zijn vriendelijk en nieuwsgierig en ik vertel over mijn fietstocht met enthousiasme, de dame heeft mijn camera in haar hand! Opgelucht hoor ik wat er gebeurd is, de eerlijke vinder woont in KL en werkt op de bouwplaats. Hij is niet hier, maar op het moment dat ik het bureau verlaat komt hij aan en kan ik hem bedanken. Dan is het tijd om door te fietsen richting de kust. De rit staat me weinig van bij, ik ben veel te blij mij camera terug te hebben! Fietsend door het centrum van Melaka kom ik in 1-richtingsverkeer terecht en moet ik even goed kijken waar het heen gaat. Maar dan sta ik ook voor toeristeninformatie. Een vluchtige blik op de kaart en ik ben er bijna. Tegen het verkeer in kan gelukkig als fietser en 5 minuten later bel ik aan. Via 'warmshowers' heb ik afgesproken met Howard dat ik een paar dagen kom. Hij heeft een hostel in Melaka en hier sta ik verbaasd te kijken wanneer Leigh de deur open doet! Met een beetje hulp is alles zo boven en staat Elsa in een ander trappenhuis. Maleisie komt ten einde - 5 dagen - Melaka is de laatste plek die ik bezoek in Maleisie. En met Stephen en Leigh als gezelschap de eerste dag doen we een verkenning van de stad. Ontbijt komt echter eerst en de roti is goed, waarop ik dagelijks terugkeer. Lopend door het historische centrum gaan we een 'heuvel' op waarmee we uitzicht hebben over een deel van de stad. Verder op verkenning door de stad komen we in een moderner deel terecht De andere dagen spendeer ik met laatste dingen voorbereiden voor ik vertrek en om nog even van al het eten te genieten. Howard gaat elke doordeweekse avond met gasten van het hostel op pad. Iedereen krijgt een fiets en na een rondrit door het centrum wordt er gezamenlijk ergens gegeten. De eerste avond zijn we met zo'n 12 fietsers, de twee andere avonden dat ik mee ga zijn het er 5 en 10. Het zijn gezellige avonden en elke keer eten we ergens anders.

Laten we het hoger opzoeken

Kuala Berang ~ 01-05-12 ~ 82km Langzaam kom ik op gang, nog even gebruik maken van de wifi is de oorzaak. De roti daarentegen is snel op en niet veel later zit ik op de juiste weg, landinwaarts. Het is een brede, lege weg en het valt nogal op wanneer een jongen op een motorbike voor de 3e keer voorbij komt. Mij passerend zegt hij elke keer hetzelfde - iets in Malay - gebaart iets en rijd verder. Oplettend merk ik dat hij verderop de weg af rijdt en buiten zicht wacht tot ik voorbij ben voor hij de weg weer op komt en weer voorbij komt rijden. Geen idee wat hij wilt en een zoveelste keer besluit ik niet te reageren. Resultaat is dat hij omdraait en weg rijdt en vanaf dan is het heerlijk rustig op de weg. Ik bereik een tweede noord-zuidweg en sla af richting het noorden. Dit wordt een dag van 'terug' fietsen in noordelijke richting, maar gelukkig op een andere weg. Deze is rustiger en gaat voor lange tijd door een plantage. Een mooie beschutte plek voor thee dient zich aan en ik stop snel voor een pauze. Een van de mannen heeft een geweer op zijn rug en ik denk even dat de borden bij de plantages waar zijn - iets over dieven of ongewilde bezoekers en mannen met geweren - maar hoor al snel dat hij vogels schiet en geen mensen. De plantage weer uit fietsend komt er almaar meer bebouwing langs de weg. Een plek waar mensen wonen en vele kleine winkeltjes en restaurants voor (extra) inkomen zorgen. De grootste plaats op mijn kaart hier is Kuala Berang en hier ben ik dan ook naar op weg. Geen idee wat ik ga doen als ik er ben, dat hangt van de plek af. Het is lunchtijd als ik aankom in Kuala Berang en ik wil op zoek gaan naar een plek voor lunch en hopelijk wifi om te zien wat ik hierna ga doen. Nog voor ik begonnen ben met zoeken signaleert een auto me te stoppen en nieuwsgierig doe ik dit. In de auto zit een stel met een baby, de man vraagt me waar ik heen ga en ik antwoord eerlijk dat ik het niet weet. Ze bieden me aan dat ik bij hen kan slapen en na een snelle overweging besluit ik hen te vertrouwen en accepteer. De auto is makkelijk te volgen en langzaam rijden we Kuala Berang weer uit. Ik ben nieuwsgierig maar begin wel te twijfelen naarmate we verder weg rijden. Na een paar km rijden we echter het terrein van een MRSM in en ik ben gerustgesteld. Bij een glas kokosnootsap stel ik me voor aan Nizam en Nisa en hun baby, Hero. Beide zijn docent hier op de MRSM, Nizam geeft gym en Nisa doceert Engels. In hun huis op het schoolterrein krijg ik een kamer en de tijd om te douchen en mijn kleren te wassen. Ondanks de regen gaan we naar het meer om de fishfarm te bezoeken die Nizam sinds een paar maanden heeft met een vriend, voor we terug in Kuala Berang over de avondmarkt struinen om avondeten bij elkaar te kopen. Bij de maaltijd in hun huis halen ze me over een dag te blijven en iets meer te zien. Kuala Berang ~ 02-05-12 ~ 11km Beide moeten lesgeven vanmorgen en dus pak ik mijn fiets en bezoek het centrum voor ontbijt en een wandeling. Er is een markt waar ik rondstruin en neem een kijkje in winkels voor wat benodigdheden zonder iets te vinden. Terug op de MRSM word ik opgepikt voor een lunch met alle docenten, iemand heeft promotie gekregen en een grote lunch geregeld en ik ben ook welkom. Later in de middag vraagt Nizam mijn hulp bij de viskwekerij en ik ga mee om te helpen netten te repareren, ondertussen lerend over de MRSM en de weg die ik wil nemen morgen. Een goede maaltijd wacht ons op bij terugkeer, voor spullen gepakt worden en foto's gemaakt. Olifanten verblijf ~ 03-05-12 ~ 96km Het verblijf op de MRSM eindigt met een ontbijt met Nisa en een korte rondleiding door de school. De makkelijkste weg, zo heeft Nizam verteld, is de T11 ookwel de 247. Door dorpjes fietsend vind ik de gezochte watermachine en vul alle flessen bij. Nog geen 10km verder, wanneer ik stop voor een pauze, ontdek ik echter dat ik een fles alweer verloren ben. Ik fiets nog een stuk terug maar zie niks en besluit dat het verloren tijd is om door te zoeken. Een mooie pauzeplek dient zich aan vlak na de afslag, mogelijk een laatste plek om te zitten en ik maak er graag gebruik van. Vanaf nu reken ik niet meer op plekken voor pauze, er is zo te horen niks tot ik de snelweg bereik zo'n 100km verderop. De weg lijdt me door de jungle maar er is weinig schaduw. Vanuit veiligheidsoogpunt snap ik dat er een paar meter langs de weg gekapt is, maar het is wel heet zo in de volle zon zonder de schaduw van de bomen. Gek genoeg rijden hier heel veel vrachtwagens ronds met flinke gekapte bomen als lading. Waar zouden die heen gaan? Regelmatig zie ik het meer vanaf de weg liggen, het is enorm. Hier omheen fietsen gaat wel even duren! Verassend genoeg zijn er wel plekken om pauzeren en iets te drinken. Niet veel, maar ze passen in mijn 20km fietsen en dan pauze idee. Bult op, bult af, de weg slingert en elke keer na een bocht of op een bult zie ik het meer. In het begin is dit leuk, maar na de zoveelste keer begin ik me af te vragen wanneer de weg eindelijk van het meer wegdraait. Het is 4 uur en ik begin op te branden. Er is een complex hier langs de weg en ik zie een bankje in de schaduw. Blij ga ik zitten en eet een boterham. Goed kijkend zie ik olifanten en herinner me dat Nizam vertelde over een olifanten verblijf bij het meer. Ik besluit een kijkje te nemen en krijg wat te drinken. Vragend naar de rest van de weg word me aangeboden hier te kamperen. Na te vragen waar mn tent te zetten krijg ik een bed gewezen in een gastencabine. Wow, dit had ik niet verwacht. Het is een vriendelijke groep die me meeneemt op een bootje naar een zijtak van het meer om te zwemmen en visnetten te controleren en later gaat bijna iedereen met auto's naar een restaurant en proberen ze wilde olifanten voor me te vinden bij de weg. Geen succes maar wel gezellig. Uitgeput ga ik tegen middernacht slapen. Gua Musang ~ 04-05-12 ~ 98km Voor ik vertrek beklim ik nog snel even de bult aan de overkant voor een foto. Het nationale park waar ik me bevind gaat nog 15km door voor ik een provinciale grens oversteek en er gelijk een verschil is. De jungle is weg en heeft plaatsgemaakt voor plantages. Vlak voor het restaurant van gisteravond krijg ik een lekke band. Een bult af fietsend denk ik om een steen te rijden maar ga er overheen. Dus sta ik al snel langs de weg proberend mijn binnenband om te wisselen. Met wat hulp krijg ik eindelijk mijn quick release los en dan is het snel gedaan. Toch duurt het ruim een half uur voor ik weer op pad kan. Tegen die tijd zijn de wolken verdwenen en is het zweten in de volle zon. Na een snelle pauze voor ijsthee en zonnebrand fiets ik langs een politiepost en begin aan de eerste van vele stijlere bulten in de plantage. 30km lang gaat de weg door de plantage, regelmatig opgebroken en met veel trucks. Alle stadia van oliepalmen zijn zichtbaar hier, interessant in het begin maar ook dit gaat vervelen. Een tweede politiepost passerend begrijp ik dat ik bijna door de plantages ben. Het einde is abrupt en het landschap is ineens open en vlak. De snelweg bereikend zie ik de heuvels al liggen, maar hier kan ik eindelijk stoppen voor schaduw en iets te drinken. Een auto toetert en ik zie Nisa en Nizam zwaaien, misschien zie ik ze later in Gua Musang maar ik vermoed dat ze al vertrokken zijn als ik aankom. Vrolijk fiets ik verder tot ik een R&R tegenkom. Dorstig stop ik voor ijsthee en om van de zon te ontsnappen. Het is er druk en dus houd ik het op een korte stop. Langzaam kom ik in de buurt van Gua Musang. Buikpijn dient zich aan en al fietsend probeer ik het te verklaren. Uiteindelijk stop ik in de schaduw van een boom, koekjes naar binnen werkend met water. Voorovergebogen sta ik te puffen, tegen Elsa leunend om beide overeind te blijven. Zo sta ik een tijdje voor ik denk de laatste kilometers aan te kunnen. Gelukkig gaat de weg even later naar beneden en rol ik zo het plaatsje in. Na een paar hotels te hebben geprobeert vind ik een kamer en puf ik uit voor ik een rondje maak. Er is een evenement gaande en vanavond blijkt de laatste avond te zijn met de grootste naam. Heb ik even geluk met mijn kamer! Tanah Rata ~ 05 & 06-05-12 ~ 127km Vroeg wakker pak ik alles en ga op zoek naar een laatste boodschap, fruit. De markt is nog dicht dus eerst maar ontbijten. De markt weer passeren is er wat open, ik doe mn aankopen en ga op pad. Ondanks dat ik nog vrij moe ben vanochtend ben ik vertrokken. Het is namelijk bewolkt vandaag en dat is goed voor wat me te wachten staat vandaag en morgen. Na een stuk met korte, stijle bulten in een plantage zit ik voor een kop thee. De t-splitsing volgt en ik sla af, gelijk beginnend met langzaam stijgen. Gelukkig niet zo stijl als de plantage en het is dus prima te fietsen. De jungle geluiden dienen zich weer aan, vogels, apen, stromend water en ritselende bladeren. Prima fietsen zo en de bewolking helpt zeker. Een moskee langs de weg dient zich aan, water wordt bijgevuld en om de hoek zit ik bij een café voor een vroege warme lunch. Hier krijg ik een rit aangeboden, vriendelijk bedoeld maar dat is geen uitdaging. Het stijgen en dalen zet door, soms lang soms kort maar altijd te fietsen. Op een van de langere bulten stop ik en ga zitten voor een pauze. Met een kop thee en wat fruit zit ik als ik getoeter hoor en weer zijn daar Nisa & Nizam. Nu op hun weg terug naar Kuala Berang zagen ze me zitten. Ik krijg nog twee sinaasappels overhandigt als aanvulling voor ze weer verder gaan naar huis. In gedachte houdend dat ik uit moet kijken voor een kampeerplek vervolg ik later mijn route. Het blijft stijgen en dalen. Helaas, ik hoopte wat hoogte te winnen maar het zal weinig zijn. Menig auto passeert maar ineens staan er 2 stil, te gebaren of ik wil stoppen. De mannen zijn op weg terug van een dirtbike trip en zagen me fietsen. Blij even te staan en praten komt een grotere verassing. Een motorbike met ijsjes komt voorbij gereden en stopt op mijn verbaasde uitroep 'does he sell icecream?'. Met een ijsje staan we even langs de weg te praten voor ik verder ga naar een kampeerplek en de mannen naar Kuala Lumpur. Terwijl ik een heuvel afdaal zie ik een mogelijke kampeerplek en ga het uitzoeken. Het blijkt een goede plek te zijn, buiten het zicht van de weg en met uitzicht op het land om me heen. Mijn tent staat snel en ik geniet even van het uitzicht voor de zon zakt. Voor de zoveelste keer word ik wakker, ditmaal van mijn wekker. De zon klimt langzaam tot boven de omliggende heuvels, alles verdwijnt weer in tassen en net nadat het echt licht is zit ik weer op de weg. Bij stromend water was ik m'n handen na een ontbijt. Na de afdaling van de heuvel waar ik kampeerde volgen geen afdalingen meer. Het langzame maar lange stijgen is er voor in de plaats gekomen. De eerste dorpjes zijn langs de weg te vinden, dan een eerste 'green house'. Niet veel verder volgt dan weer een plek waar ik kan zitten op een stoel. 90km sinds de afslag, 50km sinds de warme lunch van gisteren. Al zittend word me gevraagd waar ik mijn vrienden heb gelaten? Nieuwsgierig vraag ik wat ze bedoeld en ik krijg te horen dat er een Duits koppel gisteravond langs is gekomen. Na een brunch met thee ga ik verder, wetend dat het meeste klimmen komt. Gelukkig klimt de weg zoals voorheen, rustig maar langer. Langzaam (denk 5km/u) fiets ik verder, met steeds meer glastuinbouw op de heuvels zichtbaar. Na 12 kilometer klimmen, met een glimlach want anders is het niet te doen, kom ik bij een volgend café en staat er "Welcome to the Cameron Highlands". Een kop thee voor ik het eerste dorp bereik en door fiets. Het hoogst gelegen is Brinchang en hier aangekomen ga ik nogmaals zitten. Al etend voer ik een gesprek met 2 locals die wel een goedkope slaapplek weten in Tanah Rata en een vlakkere route om er te komen. Niet veel later volg ik een auto en kom zo uit bij Twin Pines waar ik me installeer voor een paar dagen vrij. Cameron Highlands ~ 07/09-05-12 Na me te installeren ga ik op pad voor eten. Eenmaal terug wil ik naar bed gaan als er geklopt wordt en de mannen er zijn om naar mijn fiets te kijken. Ze fietsen allebei en eentje weet het een en ander van repareren. Blij met de hulp ga ik zitten en kijk. Moe van het klimmen ga ik na hun vertrek naar bed. In de Cameron Highlands neem ik een paar dagen om bij te komen en te genieten van het koele klimaat. Hier groeit thee, dus bezoek ik de plantages en drink thee. Terugkomend van een plantage bezoek komen er fietsers aan in Twin Pines. Julian & Elie eerst, even later gevolgd door René. Leuk gezelschap voor nog een plantage bezoek en het algehele rondhangen en bijkomen waar iedereen aan toe is. Heerlijk, die vrije dagen!

Eindelijk fietsen

Baling ~ 19-04-12 ~ 83km

Wakker wordend van mijn wekker ben ik blij dat ik gister al gepakt heb. Klaar voor vertrek nog snel een kop thee voor Jacqie, Mike en ik naar ons vaste ontbijt gaan.
Het is net 9 uur wanneer ik de veerboot af loop in Butterworth. Ik stap op en niet veel later fiets ik langs de expressway richting het noordoosten. De weg is niet druk, maar er is een aparte strook voor scooters buiten de vangrail waar ik fiets. Snel vervalt de weg echter naar een 2-baans zonder vluchtstrook. Het is niet druk met voornamelijk vrachtwagens. Omdat de weg slingert door de heuvels met plantaties is de zichtbaarheid niet groot en besluit ik met helm te rijden. Oncomfortabel maar het went vast.
Wegfietsend van lunch zie ik grijze wolken achter me. Hopend de resterende kilometers te kunnen doen voor het regent fiets ik door, geholpen door een stevige rugwind. Het mag echter niet baten en met nog geen 10km te gaan sta ik in een bushalte te schuilen. Het gaat flink tekeer voor zeker een half uur, voor het afneemt tot regen waar ik in kan fietsen. Een voordeel aan fietsen in de regen is dat het een stuk minder heet is.
In Baling vind ik vlot een goedkope slaapplek waar ik even rust voor ik te voet het plaatsje verken. Met een rivier door het dorp en een grote rots net buiten het dorp is het makkelijk je te orienteren. De mensen zijn vriendelijk, zo ontdek ik tijdens het avondeten waarbij ik in gesprek raak met een agent.

Banding meer ~ 20-04-12 ~ 98km

Ik doe het zodanig rustig aan vandaag dat ik pas na 8 uur vertrek van mijn ontbijt, midden in Baling. De oude snelweg, zoals de mensen weg 76 hier noemen, is snel gevonden. Volgens de agent van gisteren is deze route een stuk heuvelachtiger in vergelijking met de nieuwe snelweg, maar ook rustiger, iets waar ik op hoop. Dat er heuvels zijn blijkt al snel, wanneer ik net buiten het dorp begin te klimmen voor ruim een uur.
Dwars door de jungle en de heuvels slingert de weg van dorp naar dorp. Het is een plezier hier te rijden en er is weinig verkeer. Ik verbaas een paar toeristen op motors (geen scooters) die de andere richting uitgaan. Met regelmatig pauzes in verschillende dorpjes is het goed te doen ondanks het vele klimmen.
Vroeg in de middag kom ik bij een kruising. Hier kan ik afslaan op bij meer Banding te komen of doorgaan naar Gerik om morgen naar het meer te fietsen. Het is nog vroeg en ik hou er niet zo van om een afstand overbodig dubbel te doen en dus sla ik af. Nog even een lunchpauze waarbij ik ook mn water bijvul. Een goede beslissing want niet veel later begin ik aan een veel langere klim waarbij er geen restaurants meer langs de weg te vinden zijn. De laagste versnellingen komen van pas in deze langzame tocht omhoog. Het duurt een tijd voor ik me herinner wat me verteld is in Georgetown. Een van de jongens in de fietswinkel sprak over het meer en het eiland. Het meer is door mensen gemaakt en het eiland was oorspronkelijk een heuvel, de top is nu een eiland. Dit betekent, bedenk ik me nu, dat de rand van het meer ook heuvels moeten zijn. Geen wonder dat ik zo veel omhoog ga!
Na deze lange klim volgt een afdaling en ineens zie ik het meer. De weg vervolgt in een brug die me op het eiland brengt. Hier zet ik, op aanwijzing van de politie, mijn tentje op onder een boom.


21-04-12 ~ 15km
'S nachts blijkt dat mijn tweedehands tentje niet bepaald waterdicht is. Elke druppel spat uit in duizend kleine druppels in de tent. Voor het echt losbarst mag ik van de agenten verplaatsen naar een plek onder hun massale afdak. Flinke onweersbuien trekken over en ik slaap weinig maar ben blij in ieder geval droog te zijn.
Ik neem een dagje vrij bij het meer om mijn lichaam niet te veel te porren in de heuvels, er komt mogelijk meer. De omgeving bij het meer verkennen hoop ik ergens olifanten te zien, waarvan ik hoor dat ze hier nogal eens gespot worden. Geen olifanten te zien, maar wel apen en een ree. Nog wat gesprekken met mensen die het eiland aandoen als pauze op een lange rit voor ik mijn tentje weer onder de boom plaats en hoop dat het droog blijft.

Jeli ~ 22-04-12 ~ 87km
Het was zowaar een droge nacht en dus sta ik m'n spullen te pakken onder de boom terwijl de zoon langzaam opkomt achter de heuvels. Het enige vindbare ontbijt achter de kiezen fiets ik weg van het meer. Al snel gaat de weg verder omhoog. Heb ik de hoogste top niet gehad op de weg naar het meer? Kijkend naar het uitzicht lijkt het van niet.
Na ruim 20km durf ik het aan om een vrachtwagen chauffeur te vragen hoeveel verder het nog is voor ik de top bereik. 8 kilometer klinkt geruststellend en ik ga verder. Exact 8km verder zit ik in een restaurant te genieten van roti, thee en het uitzicht. Dit is het hoogste punt van de oost-west snelweg.
Het voordeel van de top bereiken is, buiten het uitzicht, de afdaling die er op volgt. De kilometers gaan snel terwijl ik me naar beneden laat rollen. Het is bijna teleurstellend om daadwerkelijk te moeten fietsen om ergens te komen. Voor ik het weet bevind ik me weer in een normale bewoonde wereld met dorpjes langs de weg.
Jeli was voor mij een stipje op de kaart, een bestemming waar ik hopelijk kan slapen. Hier aangekomen lijkt er niet veel te zijn, wat verspreide gebouwen maar geen echt centrum. Bij een tankstation vraag ik daarom om hulp voor accommodatie. Een man gebaart me hem te volgen, gelukkig is hij geduldig met zijn scooter want de 5km vallen me zwaar. Na 2 nachten kamperen kan ik me de kamer veroorloven en blij sta ik onder een warme douche. De tv is verbonden met een kastje beneden en op verzoek zetten ze een filmzender voor me op.

Kota Bharu ~ 23-04-12 ~ 104km
Het is nog donker als de wekker gaat en dat is toch moeilijker opstaan. De filmzender is nog steeds op en ik word dan ook verleid in het afkijken van een film, half pakkend in de tussentijd. Het is een wonder dat ik niks vergeet en om half 8 de sleutel en het geld kan overhandigen aan een dame die toegesnelt is.
De weg is glooiend en om eerlijk te zijn verveelt het me. Verwend na de geweldige uitzichten van de heuvels is dit niks aan en vaak kan ik weinig zien achter de struiken langs de weg. De mensen zijn echter vriendelijk als altijd. Toch valt het me tegen vandaag en voelt het alsof ik nioet vooruit kom. Misschien komt het omdat ik te weinig drink, maar vaker stoppen voor water blijkt weinig effect te hebben.
Uiteindelijk stop ik een laatste keer voor ijs voor ik de stad in fiets. De laatste kilometers is er langs de weg zo veel bebouwing dat het landschap niet te zien is. Veel kleine bedrijven en dus veel verkeer.
In het centrum zoek ik de Mac op, niet om te eten (alhoewel, een ijsje gaat er altijd in) maar voor de wifi. Een paar mogelijke hostels worden genoteerd en met wat hulp kom ik bij de eerste aan. Op de 3e verdieping in het centrum klinkt oké tot blijkt dat ik Elsa dan ook alle trappen op moet krijgen. Te veel werk als je het mij vraagt en ik ga verder. Net buiten het centrum kom ik bij Zeck's uit, op de begane grond! Het is maar een paar minuten van de avondmarkt waar eten gevonden wordt en ik het niet kan laten om een paar stukken cake mee te nemen.

Kota Bharu ~ 24&25-04-12 ~ 12km
In Kota Bharu, de provinciale hoofdstad, hoop ik een paar dingen te kunnen regelen. Na het ontbijt vertrek ik naar een fietswinkel waar ze me niet kunnen helpen. Op de vraag om een ander adres wordt eerst gezegd dat er geen is. Dit klinkt mij raar in de oren, in een stad met 2 miljoen inwoners is er maar 1 fietswinkel? Uiteindelijk weet een dame wel een andere plek, nog geen 5 minuten verder. Hier ben ik snel geholpen en kan ik aan de volgende taak beginnen.
Een tent blijkt lastiger te vinden en na een paar onsuccesvolle pogingen kom ik bij een zaak uit die alleen heeft wat ik al heb. Het is al tegen 4 uur en ik ga terug naar Zeck voor nieuw advies en om met gezelschap me weer naar de avondmarkt te begeven voor meer cakes.
De volgende dag vind ik de zaak die me werd aangeraden en hier hebben ze een tent en een matje te koop. Simpel maar meer heb ik niet nodig. Het kan dus wel snel en ik besluit de toerist uit te hangen en wat rond te lopen. Me later naar een internetcafé begevend zie ik een fietser. Vragend of hij hulp nodig heeft blijkt het Fred te zijn die ik in Bangkok heb leren kennen in een fietszaak. Ook hij begeeft zich naar Zeck en er is meer gezelschap voor de avondmarkt.

Pulau Perhentian ~ 26-04-12 ~ 60km
Elsa gepakt hebben met alles (waaronder nu 2 tenten) fiets ik naar ontbijt en probeer ik een goede route te vinden om de stad weer uit te komen. Er zijn veel 1richtings wegen hier en ik beland nog op een parkeerplaats van een ziekenhuis voor ik op de juiste weg uitkom.
Het begin druk maar al snel buiten het centrum ben ik een van de weinige op de weg. Door de vele schaduw en het zachte windje is het heerlijk fietsen en na een eerste pauze heb ik soms zicht op de oceaan. Het is overduidelijk minder toeristisch en minder ontwikkeld dan de westkust maar het bevalt me goed.
Na 60km sta ik in Kuala Besut bij het kantoor waar ik mijn kaartje moet tonen. Het personeel ziet de fiets en al snel brengt iemand me naar een afgesloten ruimte waar ik Elsa achter laat met het meerendeel van mijn spullen. Veilig achter slot en grendel zo hoop ik. Met 2 fietstassen stap ik een boot op, bestemming een van de Perhentian eilanden.
Ik weet vrij weinig van de eilanden maar wel dat eentje goedkopere accommodatie heeft en hier wordt ik bij een strand afgezet. Met wat hulp kom ik uit in een dormitory en laat ik alles achter om te gaan zwemmen.

Pulau Perhentian ~ 27-04-12
Met Ricky, die ik gisteren leerde kennen, ga ik vanochtend snorkelen via het hotel. 3 uur in een groepje met 4 dames gaan we de snorkelplekken af. Mooie visjes, geen haaien maar wel een schildpad!
Een poging tot een middagdutje valt door gesprekken met andere in de dorm in het water. Na avondeten gaan Ricky en ik naar een ander strand voor een mooie maar late avond.

Strand bij Penarek ~ 28-04-12 ~ 62km
Met een kater op de boot terug naar het vaste land was niet het beste idee. Hopend dat ontbijt helpt neem ik de tijd in Kuala Besut, voor ik de weg naar het zuiden in sla. Duidelijk nog noet 100% moet ik na 10km toch echt even gaan liggen. Nog 10km verder stop ik bij een tankstation. Met tijd werk ik 2 bananen naar binnen en drink ik meer.
Dit helpt zodanig dat ik een stuk makkelijker mijn weg vervolg. Ergens buiten zicht is de oceaan en af en toe zie ik daken van dorpjes aan de kust. Het landschap is vrij droog en er zijn weinig bomen aan mijn kant langs de weg dus ik ben extra blij met de bewolking.
Ik kom aan bij een t-splitsing en sla prompt de verkeerde richting in. Zoekend naar een kampeerplek aan het strand kom ik snel achter mijn vergissing en draai om. De juiste kant op gaand herken ik al snel de omschrijving, de rivier links van me en de oceaan rechts. Het land is hier smal, misschien een paar honderd meter en dat voor een aantal kilometer. In het begin is er een dorp, dit stopt om verder op een chique resort te passeren. De weg wordt een zandweg en na de laatste bebouwing ga ik nog 500m verder om in de beschutting op het strand m'n tentje op te zetten. Een duik in de zee voordat het donker wordt. Zelfs de vissers verderop laten me met rust.

Terengganu ~ 29-04-12 ~ 71km
Een aantal keren word ik wakker van de flitsen aan de horizon. Het lijkt even ook hier te gaan stormen met stevige wind, maar uiteindelijk blijft het droog. Rustig pak ik mijn spullen en probeer ik de handigste manier te bedenken om de tent aan te pakken. Het valt wat tegen maar uiteindelijk is Elsa weer vol en lopen we de zandweg weer af.
Na het ontbijt blijft de kust nog een tijd zichtbaar voor er teveel land tussen de weg en de kustlijn komt en de oceaan weer verdwijnt achter huizen en velden.
Het wordt steeds drukker op de weg terwijl ik Terengganu nader en ook langs de weg verschijnen meer gebouwen. Een brug brengt me over de rivier met zicht op de stad. Zo weet ik snel welke richting ik uit moet en in geen tijd ben ik in het centrum. Op zoek naar accommodatie kom ik vanalles tegen. Eerst een kleine kamer (net groot genoeg voor het bed) wat veels te veel kost binnenin een gebouw. Dan een ruimere plek maar waarbij de eigenaar rare vragen gaat stellen. Als derde een redelijke plek maar geen plek voor Elsa. Uiteindelijk kom ik per toeval uit bij een goede kamer, iets duurder maar hier vertrouw ik het.
Na een korte wandeling door het centrum vind ik een plek om te eten. Denkend garnalensoep te hebben besteld kijk ik raar op van wat er voor m'n neus staat. Een donkere, heldere soep met grote stukken erin, verdacht veel lijkend op vlees. Op navraag blijken het koeienpoten te zijn! Een interessante maaltijd. Blij de dag achter me te laten bij een film op tv.

Dungun ~ 30-04-12 ~ 87km
De tv had ik uit moeten laten, bedenk ik me terwijl Avatar begint. Halverwege heb ik dan eindelijk de moed om de tv uit te zetten en naar beneden te gaan met alles voor het ontbijt. De manager heeft nog wat nuttige info voor later op de dag en wijst me een goede plek voor roti canai.
De route is erg simpel, ga rechts en dan heel lang rechtdoor. Dit kan ik en ik fiets vlot naast het vele verkeer verder richting het zuiden. Na zo'n 15km sta ik bij een haventje waar boten naar Pulau Kapas vertrekken. Het klinkt als een mooi eiland maar wat doe ik met Elsa? Laat ik haar hier achter, op slot maar buiten staand? Neem ik haar mee naar een eiland zonder wegen? Of probeer ik of ik haar bij de politie kan stallen? Na even wikken en wegen besluit ik dat allen voor mij geen echte optie zijn en dus stap ik op en ga verder, naar het zuiden dan maar weer.
Teleurgesteld fiets ik over de kustweg, die voor de verandering lange tijd bij de kust blijft. Maar het is druk hier en ik weet niet goed wat nu te doen, waar heen te gaan. Een lange tijd fiets ik zo langs de kust, deze niet waarderend maar ik kan er weinig aan doen, zo voelt het.
Dungus staat op de bordjes en ik besluit hier een kijkje te nemen en hopelijk ideeen op te doen hoe nu verder. Een brug over gaand zie ik het al liggen en fiets zo het centrum in. Gek genoeg is het enige hotel hier gesloten, een andere lijkt er niet te zijn. De hoofdweg verder fietsend kom ik bij een ander centrum uit en hier zijn meer plekken. Ik vind vlot iets en ben blij met de wifi zodat ik op zoek kan gaan.
Een wandeling door Dungun levert weinig helderheid op over welke van de 2 het centrum is en na avondeten neem ik plaats in de lobby. Eens zien of ik inspiratie kan vinden.

Luiheid in Maleisie

Woensdag 28 maart 2012 (30km)

Het is alweer eind maart en de laatste dag van mijn Thaise visum. Tijd om de grens over te steken, maar hoe? Ik kan op de fiets springen, de grens over kunnen en aan de kust kunnen overnachten met Marty. Of ik neem de veerboot naar Langkawi, waar 2 bekende zijn tegen wie ik heb gezegt vandaag te zullen arriveren. Hier zit ik de laatste dagen al over te wikken en wegen. Bij het ontbijt besluit ik dan toch de veerboot te nemen. Het is niet dat ik niet wil fietsen, maar ik heb nou eenmaal aangegeven dat ik vandaag op Langkawi zal zijn. En dus neem ik na het ontbijt afscheid van Marty, die ik vast in Maleisie nog wel zie, spring op Elsa en fiets naar de pier waar ik hoop het ochtendveer nog te halen.
Iets voor half 9 stap ik op de veerboot met de leden van een reggaeband die ik gisteren kort heb ontmoet. Ik zit afwisselend op dek, alleen, of binnen met Shah te kletsen. Uiteraard accepteer ik zijn aanbod voor een kop koffie en samen lopen we de het eiland op. Een nieuw land op het lijstje, Maleisie!
Net buiten de haven staat Mathieu voor m'n neus, hij gokte op mijn aankomst met het eerste veer. Hij houdt ons gezelschap bij een kop koffie, waarna we samen richting Cenang fietsen. Hier heb ik adressen van hostels met dormitories. Bovendien zou ik hier Ramon moeten kunnen vinden, ergens. Het is een korte rit, iets meer dan 20km en we zijn in Cenang op zoek naar een van de 2 hostels. De eerste is vol, maar Rainbow Lodge heeft wel lege bedden en niet veel later lopen we door het plaatsje. Typisch toeristisch plaatsje, met voornamelijk veel te dure, kitscherige dingen te koop. Teruglopend over het strand spot ik Ramon en al snel lopen we even via een supermarktje voor goedkoop bier.

Genieten van gezelschap
Langkawi (29 maart - 3 april, 122km)

Ik bljif een week op Langkawi, genietend van het gezelschap, de zon, de zee, het goedkope bier en het eiland. Met Ramon ga ik een 'rondje' fietsen, een mooie 55km op het eiland. Een van de dagen is er een reggaefestival in Babylon en ik heb een kaartje gekocht. Lekker een dagje hangen bij het strand, live-muziek luisteren en nieuwe mensen leren kennen. Ook komt Marty nog langs op het eiland, maar voor ik het weet is hij alweer vertrokken. Hopelijk zie ik hem later weer. Een heerlijk lui weekje waar pas een einde aan komt als zo goed als iedereen vertrokken is.


Woensdag 4 april 2012 (39km)
Na een week is het echt tijd om te vertrekken. Op woensdag fiets ik naar Kuah waar de haven is. Onzeker nog of ik vandaag oversteek of morgen, ga ik eerst op zoek naar een kaart van Maleisie. Zonder succes fiets ik door naar de pier waar ik in gesprek raak met wat werkers bij een koud drankje. Ik zit nog wat te dubben maar als ik besluit vandaag over te steken word me gelijk verteld welk veer ik moet nemen. Blijkbaar is een van hen de kapitein en ik leer dat dit zo zijn voordelen heeft. Lui lig ik in een hangmat op het dek, terwijl Langkawi langzaam krimpt aan de horizon, als enige.
Aangekomen in Kuala Kedah stap ik gelijk op en fiets de korte afstand naar Alor Setar. Het is laat in de middag en ik ben blij dat het dichtbij is en ik snel op zoek kan naar een slaapplek. Een fietswinkel heeft wel een tip voor me en nieuwe rubberen uiteinden voor mn stuur. Een hotel heeft een kamer voor me en ze geeft me gelijk 15RM korting op de prijs, waardoor het betaalbaarder is. Tijd voor een wandeling.


Donderdag 5 april 2012 (81km)
De verkoudheid die ik op Langkawi heb opgelopen begint langzaam erger te worden en zorgt er voor dat ik er niet helemaal bij met mijn hoofd. Of misschien ben ik dat zelf gewoon. Wegfietsend vraag ik me af hoe laat het is om er vervolgens achter te komen dat ik mijn ketting - met klokje- vergeten ben. Snel omkeren, de trap oprennen en mn ketting onder het kussen vandaan vissen. En dan eindelijk op pad, naar ontbijt en naar het zuiden.
Ontbijt langs de weg, een verrassingspakketje in een bananenblad, een halve plak cake (ja bij het ontbijt), een kop thee en uitleg hoe op de juiste weg te komen. Opstaand om te betalen wuiven de dames me weg, de man die me de weg heeft uitgelegd heeft al betaald voor me. Verbaasd vertrek ik, hoe vriendelijk vreemde mensen kunnen zijn.
Met de aanwijzingen vind ik een rustige weg in de juiste richting. Het zal wel een omweg zijn, maar het loopt dichter bij de kust en is rustiger dan de 1 dus dat is het waard. Fietsend door de rijstvelden en dorpen met moskees zie ik de heuvel al liggen waar ik over gehoord heb. Niet groot maar wel op de route. Maar eerst fiets ik door een markt, per ongeluk. De zogenaamde vluchtstrook in een dorp is volgebouwd met marktkramen en ik kan het niet laten om wat fruit te kopen voor onderweg.
De heuvel blijkt onvermijdelijk maar valt ontzettend mee, aangezien de weg over een lager stuk gaat. Behalve de hoestbui die ik krijg op de eerste bult is het goed te doen met een rugwind en uitzicht op de oceaan. Aan de andere kant van de heuvel draait de weg land inwaarts en volgen er nog wat korte, lage bulten. Wanneer deze over zijn ben ik alweer bijna bij mijn bestemming van vandaag, Sungai Petani of SP.
Op zoek naar een goedkoop bed fiets ik veel rondjes, uiteindelijk iets vindend waardoor ik kan gaan eten. Helaas is er in het begin weinig sprake van slaap. Ik kom er achter dat er een muis in mijn kamer zit, onder mijn bed! Gelukkig telt de kamer 2 bedden en verhuis ik naar het andere bed, mijn tassen dicht ritsend om nare situaties te voorkomen. Misschien zou ik me er niet zo gemakkelijk bij neer moeten leggen, maar ik wil slapen. Ook al gebeurd dit pas na middernacht.

Vrijdag 6 april 2012 (40km)
Ik ben te moe om om 6 uur al op te staan, snooze mn wekker en probeer het om 7 uur nog een keer. Ditmaal met succes en een half uur later sta ik beneden, klaar om te vertrekken. Het is maar een korte dag, de rit naar Butterworth is zo'n 35km. Eitje!
Onderweg stop ik voor een foto en raak ik aan de praat met een local die de weg naar de pier uitlegd en enthousiast is over mijn fietsen. Hij fietst nu nog korte afstanden maar hoopt aan het einde van het jaar ook aan de lange afstand te beginnen. Ik stop in Butterworth nog een keer, nu om iets meer te eten dan mn ontbijtbroodje. Het veer is dichtbij en om 10 uur sta ik te wachten met alle scooters om aan boord te mogen voor de korte tocht van 20min.
In Georgetown word ik begeleid naar de tourist information, waar ik een kaart ophaal en wat advies krijg over accommodatie. Tijd om te beginnen met zoeken. Georgetown is vrij toeristisch en er is veel accommodatie. De populairste liggen in een drukke straat en hier heb ik geen zin in. Uiteindelijk beland ik in de Love Lane Inn, in de Love Lane. Wat een geweldige straatnaam!
Marty komt even later aangelopen voor een kop koffie, tijd om bij te kletsen. Het nieuws is dat hij terug gaat naar Thailand, helaas kan ik weer alleen verder. Terug op straat slenter ik doelloos rond, niet ergens specifiek in geintereseert. Uiteindelijk beland ik in een tuak zaak, een licht alcoholisch drankje gemaakt van palmbomen (in dit geval de kokospalm). De tijd vliegt voorbij, ik krijg een uitnodiging voor lunch en terug krijg ik een glas whiskey met ijswater waardoor de tijd voorbij vliegt..

Een pauze is nodig
Hotel California - Georgetown (7-18 april 2012, 113km)

Bijna 2 weken weet ik door te brengen in Georgetown zonder heel druk te zijn. Het gezelschap is goed, Jacqui en Amy, Marty, Mike en anderen. Elke dag begint met roti canai als ontbijt (een soort pannekoek met curry saus) en een kop thee, met Jacqui. Daarna kan van alles gebeuren. Zo lees ik mn boeken, vind ik een kaart van Maleisie, drink ik koffie met Marty, loop ik door de straten met oude gebouwen, beklim een deel van Penang Hill met Amy en Jacqui, ga naar de film met Jacqui, drink bier en tuak. Uiteindelijk moet ik gedag zeggen tegen Marty zeggen, die vertrekt 2 maal vanaf Georgetown. Eenmaal wil hij de trein nemen, maar deze is uitverkocht. De volgende dag is de trein ook uitverkocht en besluit hij per boot terug naar Thailand te gaan.
Dezelfde middag volgt wat erna in het nieuws is geweest, de aardbeving voor de kust van Sumatra. We voelen het schudden en een tsunami waarschuwing volgt. 's Avonds besluiten we een kijkje te nemen bij de pier, niet wetend dat de waarschuwing alweer is ingetrokken.
Tijdens een weekend besluit ik binnenkort te vertrekken en in de richting van Indonesie te gaan na Maleisie. En dus is het visum tijd. De pasfoto's worden geregeld en kopies worden gemaakt. Maandag sta ik op tijd bij de embassade om te horen dat ik een exit-flight moet hebben, dus draai ik om en probeer iets te regelen wanneer ik terug ben. Met wat hulp heb ik een bevestiging van een zogenaamde vlucht van Jakarta naar KL, eitje. De fietsenmaker is het volgende wat ik moet regelen en dus ga ik op pad. Bij een zaak word ik goed geholpen, krijg nuttig advies en ze hebben een uitgebreid assortiment - heerlijk om even rond te lopen en te kletsen over fietsen.
Terug naar de embassade, met de bus, op dinsdag overhandig ik alles en duim ik. Woensdag blijkt dat alles gewerkt heeft en heb ik een 2 maanden visum voor Indonesie in mijn paspoort. Tijd voor de laatste dingen, drankjes en aankopen en dan kan ik verder.

Thailand afzakken

Bangkok - 19 maart

In Bangkok blijf ik uiteindelijk nog een paar dagen hangen waardoor ik maandagnacht pas vertrek. Alles wordt geregeld met betrekking tot Elsa, met Marty, Sarah en Tyrhone hang ik nog rond, Marty koopt een 2e hands fiets en besluit mee te gaan waarvoor we alles regelen en dan is het naar het station voor kaartjes. Maandagnacht is het zover en nemen we de trein naar Surat Thani. Voor mijn gevoel ga ik terug waar ik gebleven ben, nu gaat de reis weer verder.

Dinsdag 20 maart 2012 Surat Thani (16km)

De trein komt vertraagd aan bij Surat Thani en we zijn beide moe. Aangezien we de treinkaartjes kort van tevoren kochten waren alleen zitplaatsen beschikbaar en de nachtrit heeft ons beide uitgeput. Het treinstation ligt in een plaatsje zo'n 10km buiten Surat Thani. Hier vinden we ontbijt, wat ons energie levert om op de fiets te stappen en de korte afstand te fietsen. Hier vinden we al snel een hostel met nu al een kamer beschikbaar (het is nog maar half 11). We lopen beide wat rond, doen een middagdutje en struinen de avondmarkt af en dat was het dan wel weer.

Woensdag 21 maart 2012 Wiang Sa (70km)

Na het ontbijt fietsen we Surat Thani uit over een bekende weg. Het eerste deel van de route herinner ik me vaag, alhoewel ik toen mijn meer bezig was met de slag in mijn wiel dan met de weg. Eens zien hoe Marty het doet! Na een eerste pauze neemt hij de leiding, maar al snel heb ik het idee dat hij zichzelf voorbij schiet als hij zo doorgaat. We zijn al vrij snel met 22km/u en het hoeft echt niet sneller met een aantal dagen fietsen voor de boeg.
Vroeg in de middag komen we in Wiang Sa aan en we voelen ons beide vrij fit. Toch stem ik na een pauze voor om hier te blijven, een volgende mogelijke plaats met accommodatie is ruim 20km verder en ik vermoed dat dat wel eens teveel zou kunnen zijn. We checken in in een resort en gaan voor een wandeling door het plaatsje.

Donderdag 22 maart 2012 Ratsada (94km)

Marty heeft met mijn oude routine ingestemd, 6 uur wekker - 7 uur met gepakte fietsen buiten. Vanmorgen gaat het goed en zijn we om 7uur op weg naar ontbijt. De weg die we volgen, weg 41, is een stuk drukker dan de rustigere 409 van gisteren.
Voor mijn gevoel ben ik terug waar ik gebleven ben. Niet dat ik een vaste route aanhou maar ik ga weer verder van waar ik origineel op de trein ben gestapt in de richting van Cambodja. En het voelt goed om weer op pad te zijn, het begon best te kriebelen in Bankok.
Ondanks dat we vandaag voor het eerst lats hebben van blaffende honden zegt Marty te genieten van de rit. Tot nu toe gaat het goed, ik hoef me voor mijn gevoel niet in te houden. Hopelijk doet hij niet zijn best om mij bij te houden, het kan best wat rustiger.
Na een lunchpauze bij een drukke kruising slaan we weg 403 in, die verderop rustiger wordt. Mijn tempo blijft hetzelfde als voor de lunch maar Marty heeft het moeilijk, zo lijkt het. Als ik stop bevestigd hij mijn vermoeden, hij begint het te voelen. Gelukkig zijn we aan het laatste stuk van de dag bezig en vinden we een paar kilometer de gezochte afslag. Net na de afslag bevind zich een resort waar we snel een kamer hebben, alles dumpen en terugkeren naar een koffiezaak die Marty gespot heeft voor de kruising. Voor avondeten later moeten we verder lopen, het hele dorp voro de kruising lijkt gesloten te zijn! Uiteindelijk vinden we een heerlijk maal waarna we beide moe instorten.

Vrijdag 23 maart 2012 Palian (116km)
Het is al even geleden voor mij en bijna een record, we zijn gepakt en klaar om 6.40! En dan zien we de mist die het zicht beperkt tot zo'n 200m. In het dorpje Ratsada vinden we een ontbijt plek en nadat we iets besteld hebben komt een man aangelopen met de vraag of hij ons kan helpen. Door een oudere inwoner was hij erop geattendeert dat wij in het restaurantje zaten en hij kwam kijken of hij nodig was voor vertaling.
Om 9 uur is de mist alweer weg, wat gaat dat snel zeg! Maar de weg is zo rustig en gaat door een schitterend gebied dat we beide alleen maar kunnen genieten, ondanks de warme zon. Na de eerste pauze verandert de weg in een snelweg die zelfs de laatste 10km voor Trang druk wordt. Ondertussen ben ik ontzettend beroerd, zonder duidelijke verklaring. Wanneer we in Trang stoppen wil ik dan ook alleen maar iets drinken, aan eten wil ik niet eens denken.
Een korte zoektocht naar een kaart leidt tot een grotere zoektocht met hulp van een Thaise man die fietsenthousiast is.
We weten dat er accommodatie in Palian is en besluiten daar naar verder te gaan om zo een redelijke afstand te doen en niet de 155km tot Satun in 1 dag te hoeven doen. Wanneer we even stilstaan in de schaduw van een boom zie ik de waarschijnlijke boosdoener van mijn misselijkheid, er zit schimmel in mijn waterfles! En daar heb ik de afgelopen 2 dagen uit gedronken, geen wonder.
De weg verandert van snelweg in een rustige 2baans weg met veel schaduw. Dit is een stuk koeler fietsen en maakt dat we de resterende afstand tot Palian best snel doen. Daar aangekomen zoeken we wat rond. Een vriendelijke agent rijdt ons in de richting van een homestay, maar deze ligt best een eindje ten zuiden van de plaats en de afslag die we moeten hebben ligt ten noorden. Wanneer ons probleem hem duidelijk is weer hij nog iets anders en draait om. Hem volgend gaan we door Palian en slaan we op de juiste weg af. In een volgend dorpje brengt hij ons tot een resort waar we snel inchecken. We zitten er beide helemaal doorheen, wat niet gek is na 116km. Avondeten is rijst van de markt.

Zaterdag 24 maart 2012 Satun (115km)

Na een kop koffie en ontbijt van Tesco's gaan we op pad richting Satun. Het landschap is schitterend en beide genieten we van de rit. Veel beter dan dit vind je het niet! Wanneer de weg in noordelijke richting draait raak ik even kort in de war maar de kaart bevestigd dat we op de juiste weg zitten. We fietsen verder en er is niet meer te vertellen dan dat we beide genieten.
In een volgend dorp let ik even niet op en vergeten we af te slaan. Na enkele kilometers realiseer ik me de fout en snel keren we om en gaan terug. Een lunchpauze is gepast wanneer we een afslag vinden die ons op de juiste weg zal brengen. Deze weg is een stuk rustiger en vrij smal, lijdt door wat dorpjes voor we op de hoofdweg naar Satun terug zijn.
Deze weg heeft wat meer heuvels, ze zijn kort maar wat stijler en kosten dus meer moeite om op te komen. In een pauze kom ik erachter dat ik mijn schouders/rug aan het verbranden ben en wissel snel van shirt. De laatste bult volgt snel waarna het landschap weer vlak wordt.
We slaan af en beginnen aan de laatste 15km naar Satun. De constante zon valt me echter zwaar, ik stop vaker voor water en uiteindelijk moet ik zelfs een bushalte in duiken om de zon even uit te zijn. Dit helpt gelukkig en niet veel later rijden we de stad binnen op zoek naar een plek om te blijven voor een paar nachten.
Ang Yee's Guesthouse bevalt ons beide, de sfeer is goed en we zijn beide toe aan een biertje na 2 lange dagen.

3 dagen in Satun (30km)

We hebben zo'n 3 dagen voor onze visums voor Thailand verlopen. Satun ligt aan de grens en we blijven hier tot de laatste dag. We lopen rond, krijgen Marty's spaak gerepareerd die er vlak voor Palian uit schoot, ik shop wat kleding geschikt voor Maleisie (een moslimland) en genieten elke ochtend van roti cannai als ontbijt. Kletsen met anderen die in Ang Yee's verblijven doe ik info op over de Filipijnen, mocht ik er heen willen. Verder worden de mogelijkheden om in Maleisie te komen overwogen, het veer naar Langkawi of fietsen naar de grens. 3 dagen gaan vlot voobij en voor ik het weer is het onze laatste avond.