Bijkomen in Bali
Bali
Het voelt alsof ik mijn ogen pas 5 minuten gesloten heb, wanneer René me een por geeft, we zijn er. Zodra we aankomen op Bali fietsen we het veer af en gaan gelijk op zoek naar lunch. De magen rommelen en we ontdekken tijdens de lunch dat we een tijdzone overgestoken zijn. We besluiten naar het eerste kustdorp te fietsen en daar te overnachten. Het landschap begint vlak en er is voldoende schaduw door alle bomen. Apen lopen langs de weg en Hindoetempels staan tussen het groen.
Het dorpje brengt ons slecht nieuws. Alle accommodatie is te duur en dus zit er weinig anders op dan doorfietsen. En zo zitten we nogmaals op de fiets rond zonsondergang, volledig uitgeput van het vele fietsen. Met moeite bereiken we Negara, onszelf pushend om door te fietsen. Niet dat we veel keus hebben, we moeten ergens slapen. In het kleine centrum van Negara stoppen we bij een minimarkt voor een drankje en hier weten ze een goedkoop hotel. In het donker bereiken we het hotel en settlen ons. We gaan nog de deur uit voor avondeten, maar dan is de dag voor mij wel voorbij.
Na een kort ontbijt voor de deur ben ik blij dat na vandaag we een paar dagen vrijaf hebben. Mijn benen zijn moe van het fietsen en de visas moeten verlengd worden. We vertrekken en al snel is het zwoegen, de eindeloze rijstvelden langs de weg brengen weinig afleiding van mijn vermoeide lichaam. Ik zie René heuvel na heuvel over fietsen en in gedachte vraag ik hem te stoppen. Na 25km stort ik in bij een winkel in een dorpje waar René op me zit te wachten. Het enige wat voor afleiding zorgt zijn de nu aanwezige toeristen. Ze rijden van hot naar her op scooters, met of zonder surfplank en het is mij niet duidelijk waarom ze zo ver in het westen van Bali zijn.
Het is tijdens het laatste stuk naar Denpasar dat ik de 10.000km aantik en ik ben beste en beetje trots dat ik deze afstand heb weten af te leggen in slechts 6,5 maand. Elsa houdt het goed vol, beter dan verwacht toen ik haar kocht op 3 januari. In Denpasar aangekomen fietsen we rond op zoek naar een slaapplek in de buurt van immigratie, maar weh ebben weinig geluk. Na twee rondjes begint de zon me parten te spelen en we lopen een café binnen. Hier nehmen we snel de beslissing naar Kuta te gaan, waar ook een immigratie kantoor te vinden is. Gelukkig is het niet ver en met wat hulp vinden we een kamer en ik duik gelijk de douche in. Een drankje is verdiend en we vinden dit in de buurt. Rustig genietend van een cocktail proberen we gewend te raken aan hoe toeristisch het hier is. Het voelt alsof ik overal op de wereld zou kunnen zitten en ik probeer me te ontspannen.
4 dagen volgen waarop we druk bezig zijn met de verlenging van onze visa. We komen in deze 4 dagen wel 5 keer bij immigratie en pas bij ons 5e bezoek accepteren ze onze aanvraag. Het voelt alsof ze het zo moeilijk mogelijk willen maken terwijl wij hard ons best doen om mee te gaan in alle vragen en eisen. Na onze paspoorten te zien verdwijnen horen we dat we over een week terug moeten komen voor betaling. Het voelt alsof we pas begonnen zijn aan een lang proces. Aangezien immigratie voornamelijk in de ochtend bezig is hebben we de middagen ‘vrij´ om door de straten van Kuta te dwalen en om bij te komen van het vele fietsen.
Een dag nadat de paspoorten bij immigratie zijn achtergelaten zitten we vroeg op de fiets. Het is maar een korte rit tot Sanur, waar we al snel een bootkaartje hebben en we op de publieke boot stappen, met fiets en al. De boot brengt ons naar Nusa Lembongan, waar Jacqui ons opwacht, een vriendin uit Georgetown. Met haar hulp hebben we snel een plek voor onze spullen en ik loop met haar mee naar de duikschool, Big Fish. Hier doet zij haar duikmaster training en ik besluit de zelfde dag nog aan mijn open water cursus te beginnen, waarop ik meteen voor een tv gezet wordt om de video's te kijken.
Dit besluit heeft ervoor gezorgd dat ik bijna 2 maanden op het eiland blijf, op 2 korte uitstapjes na. De eerste is een bezoek aan Kuta, met René, voor het paspoort. Dit duurt 4 dagen, na de betaling kunnen we ons paspoort pas op maandag ophalen. Samen fietsen we nadien naar Sanur, waarop ik van hem afscheid neem. Hij heeft een boot gevonden waarmee hij naar Zuid-Afrika zal zeilen. Ik vertrek terug naar Nusa Lembongan om mijn open water cursus af te maken. Verslingerd aan het duiken doe ik ook de advanced cursus en een aantal plezier duiken. De mooiste dingen zijn er te zien en elke keer ben ik weer blij dat ik deze beslissing heb genomen. Het leven op het eiland is niet volledig lui, buiten het duiken om ben ik begonnen met yoga wat ik 1 à 2 keer per week doe.
Een van de dagen fiets ik rond het eiland met Jen, een Engelse die net begonnen is aan haar reis. We hebben geen haast en zitten op het kleine eiland Nusa Cennigan voor lunch, tot we ontdekken dat het al 3 uur is. We fietsen op ons gemak terug, via een ander strand en besluiten de dag met een lokale drank, arak. Het drankje smaakt puur niet al te best en stinkt ook, maar met soda, limoen en honing is het best lekker. En zo begint de gewoonte om arak te drinken als er een feestje is. Niet dat het een feest eiland is, met elke vrijdagavond een gezellige groep mensen bij de duikschool Blue Corner. Een ander wekelijks feestje, bij Jibaku, heb ik nooit bezocht en dat bevalt me prima.
De tijd wordt niet volledig gespendeert met duimdraaien. De boeken van vrienden worden gelezen, er wordt gepraat met toeristen die overkomen voor een paar dagen en deze en gene die her en der werken en ga zo nu en dan zwemmen in een van de zwembaden. En, mijn voornaamste bezigheid, ik begin te zoeken naar een boot waarop ik Indonesië zou kunnen verlaten. Het idee van zeilen is me door René weer binnen geschoten en ik heb goede hoop iets te vinden. Maar wanneer de maand van mijn kleine plekje op is en de huur weer dubbel is, besluit ik elders mijn plannen uit te werken. De Gil eilanden klinken als een goede plek om weer verder te gaan, met Lombok in de buurt om weer te fietsen. Een ticket wordt gekocht en er wordt nog een laatste vrijdagavond gedaan bij Blue Corner.
Het heeft allemaal niet zo mogen zijn als ik wilde. Tijdens de avond raak ik ten val en bezeer mijn linker pols. Na een tijd met mijn hand in een ijskist te hebben gezeten, waarin het bier wordt koud gehouden, ben ik er klaar mee en begeef me naar bed. Een van de instructeurs heeft mijn pols verbonden en de verwachting is dat mijn pols flink gekneust is. Mijn ticket naar Gili Trawangan cancel ik de volgende morgen gelijk, ik kann zo geen tas tillen, laat staan fietsen. Na er even over nagedacht te hebben besluit ik naar Bali te gaan. Een van de instructeurs gaat ook en samen reizen we naar Kuta, mocht ik een ziekenhuis nodig hebben. Ik besluit uiteindelijk tegen een ziekenhuis bezoek, mocht het nodig zijn dan ga ik later. Elsa krijgt een onderhoudsbeurt bij een fietswinkel, die haar ook stalt terwijl ik door ga. Na 2 dagen in Kuta heb ik het weer gezien en vertrek naar Ubud in de heuvels.
Ubud is een plaats met een levendige kunstwereld. Via Jacqui heb ik kennis gemaakt met Emile in Georgetown, een fotograaf die in Ubud woont. Hij laat me een paar avonden wat van deze kunstwereld zien en het geeft een hele andere impressie van Ubud dan die ik kreeg door rond te lopen. De onrust krijgt echter de overhand en na bijna een week vertrek ik weer, terug naar Kuta om Elsa op te pikken. Volgeladen stap ik een dag later op en vertrek richting Padangbai. Het is niet ver, maar het is heet, ik heb al een tijd niet gefietst en mijn pols is nog niet beter. In Padangbai rol ik zo het veer naar Lombok op maar tegelijkertijd realiseer ik me dat het niet goed gaat met mijn pols.
Reacties
Reacties
Jeeej Jet! de 10.00 km aangetikt! wat een afstanden en je fietst maar door! En wat maak je toch mooi herinneringen! Terug naar Nederland zit er op korte termijn volgens mij niet in:P Ik hoorde iets over Australie? Hier zijn de voorbereidingen intussen vol in gang voor 2 maanden Kaapstad!:D
Reageer
Laat een reactie achter!
- {{ error }}